Terug naar overzicht

Goede managers hebben geen nood aan evaluatiegesprekken.   Goede werknemers nog minder. Jammer genoeg vinden ook slechte managers deze gesprekken tijdverlies en hebben ondermaatse werknemers nooit zin om hun eigen functioneren formeel te bespreken.  En toch voert iedereen deze gesprekken.  Elk jaar opnieuw.  Iedereen haat ze, velen vrezen ze, weinigen zien het nut ervan in.  Heeft onze over-regulerende overheid misschien een evaluatie-tax ingevoerd die wij alleen kunnen vermijden door deze gesprekken te voeren?  Of zijn ze niet meer dan primitieve organisatie-rituelen waar wij één keer per jaar doorheen moeten om tot de managers -roedel te behoren?

Evaluatiegesprekken zijn voor vele organisaties net als budgetten : je maakt ze een keer per jaar voor je directie en dan gaan ze terug in de kast.  Ze komen alleen weer naar boven als iets verkeerd loopt en er een schuldige wordt gezocht.  Maar net als flexibele business plannen en rolling forecasts onze rigide budgetten vervangen,  moeten evaluatiegesprekken de plaats ruimen voor actieve tussentijdse feedback.  Dit is geen pleidooi voor vrijblijvende babbels  bij een minute soep …  Neen, actieve feedback moet je formaliseren, net als je je business plan een duidelijke vorm en structuur geeft.  Alleen wacht je geen 12 maand vooraleer je de boodschap – goed of slecht – met je individuele werknemer deelt.  En laat dit nu net het grootste pijnpunt van onze evaluatiecultuur zijn :  voor vele leidinggevenden is het evaluatie gesprek hét excuus bij uitstek om de rest van het jaar niet te communiceren.    

Medewerkers hebben nood aan oprechte en functionele feedback en niet aan scores of ranking…  Laat staan aan 8 bladzijden vol scores resulterend in een finale ranking.  Een log en niet werkend evaluatiesysteem is de beste manier om je geloofwaardigheid als HR te verliezen. Hoewel oprechte feedback – top down en bottom up – nog steeds moeilijk ligt in onze Nederlandse (bedrijfs-) cultuur, moeten wij onze medewerkers  aanspreken op hun output en gedrag.  Niet eenmaal per jaar, maar elke dag opnieuw.  

Dirk SPILLEBEEN